X
Santip Santip Bekijk Santip artikelen
Nivo Nivo Bekijk Nivo artikelen
Vakpublicaties Vakpublicaties Bekijk vakpublicaties
Inschrijven nieuwsbrief Inschrijven nieuwsbrief Inschrijven nieuwsbrief

Niet alleen technisch advies
maar tevens een sparringpartner
en vertrouwenspersoon

SAMENWONERS LET OP! (DEEL 2)

NIVO 2019-14

Op mijn vorige column (“samenwoners let op!, deel 1) heb ik veel reacties ontvangen.
En dat is mooi. Het zet de mensen aan het denken en ik hoop ook naar gaan handelen waar nodig.
Zoals beloofd ga ik deze keer de fiscale positie behandelen van samenwoners bij overlijden.

Fiscale positie van samenwoners

Gehuwden hebben een zogenaamde partnervrijstelling voor de erfbelasting. Deze vrijstelling
bedraagt € 650.913. Kortom erfenissen voor een gehuwde partner zijn (in beginsel) tot dit
bedrag vrijgesteld van erfbelasting.

De Successiewet wenst uiteraard ook een dergelijke vrijstelling aan samenwoners te verschaffen.
Echter, verbindt daartoe wel extra voorwaarden.

De fiscale wetgever maakt onderscheidt in twee situaties:

  1. Samenwoners met notarieel samenlevingscontract én bij de gemeentelijke basisadministratie
    (lees de gemeente) ingeschreven staan op hetzelfde woonadres. Het samenlevingscontract
    moet minstens 6 maanden voor het overlijden van de partner bij de notaris zijn gemaakt.
  2. Samenwoners zonder samenlevingscontract kunnen ook in aanmerking komen voor de
    vrijstelling maar beiden moeten dan minstens 5 jaar op hetzelfde woonadres in de
    gemeentelijke basisadministratie ingeschreven staan.

Het fiscale voordeel, naast juridische voordelen van een samenlevingscontract, is dus dat u
sneller in aanmerking komt voor deze aanzienlijke vrijstelling. Maar zoals door mij opgemerkt in
Deel 1 van “Samenwoners let op!” is het dan wel van belang dat u überhaupt als samenwoner
kunt erven. En dat gaat als ongehuwd samenwonende alleen middels testament. Want
samenwonen alleen maakt u geen erfgenaam krachtens het Erfrecht.

Kortom, voor samenwoners is het dus van belang om zowel een samenlevingscontract als
een testament op te stellen om het juridisch goed te regelen.

Om aan te geven hoe scherp de fiscale wetgever de wetteksten uitlegt, de volgende casus die
zich onlangs voordeed bij het Hof den Bosch.

Geen partnervrijstelling voor samenwoner

In 2014 overleed de man met wie de vrouw ongehuwd samenwoonde. De vrouw was zijn enig
erfgenaam. De man woonde en stond ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie op
een adres in Nederland. De vrouw stond niet ingeschreven op ditzelfde adres, maar woonde
feitelijk wel met erflater samen. Ook beschikten de erflater en de vrouw over een
gemeenschappelijk graf.

De inspecteur was het oneens dat de vrouw een beroep deed op de partnervrijstelling. Het Hof
Den Bosch oordeelde dat op grond van de parlementaire geschiedenis van het fiscale
partnerbegrip, grote betekenis toekomt aan de gemeenschappelijke inschrijving in de basisregistratie.

Aangezien de vrouw niet op hetzelfde adres als de man stond ingeschreven, oordeelde het hof
dat de vrouw geen recht had op de partnervrijstelling en dus over haar erfenis (fors) erfbelasting
verschuldigd was. Het hof kende geen betekenis toe aan het argument van de vrouw dat zij op
grond van de wettelijke regeling tot 1 januari 2010 wel als partner gold. Bij het ontbreken van
overgangsrecht geldt de algemene regel dat aan nieuwe regels onmiddellijke werking toekomt.

Het bijzondere van het hof was nog dat het hof aangaf begrip te hebben voor de visie van de
vrouw dat ze vond dat ze recht had op de partnervrijstelling. Feitelijk woonden erflater en de
vrouw samen, ze hadden een (toekomstig) gemeenschappelijk graf en de vrouw had de man
ook verzorgd.

Echter, het hof zat met gebonden handen. De rechter mag niet de innerlijke waarde of billijkheid
van de wet beoordelen. De tekst van de Successiewet en de daarbij behorende parlementaire
geschiedenis konden volgens het hof niet tot een andere conclusie leiden.

Conclusie

Zoals u kunt zien, luistert het allemaal behoorlijk nauw. In Volendam ken ik zeker stellen die
dezelfde situatie hebben als bovenstaande casus. En zoals duidelijk blijkt uit bovenstaande
casus, gaat dat dus fiscaal niet goed.

Wat ook blijkt, is dat gehuwden of geregistreerd partners fiscaal voordeliger worden behandeld
dan samenwoners. Voor hen geldt niet de voorwaarde dat ze op hetzelfde adres moeten staan
ingeschreven. Eigenlijk best gek toch?